Nieuws

Nieuwe wagens rijden schoon




In BRUZZ van 20 december konden we lezen dat minister Guy Vanhengel (Open Vld) voorstelt om de belasting op de inverkeerstelling (BIV) af te schaffen. Een voorstel dat op maat lijkt gemaakt voor een handvol liefhebbers van dure luxewagens, zo laat het artikel uitschijnen. Die zouden immers het meest genieten van zo’n belastingvermindering, is de redenering. Helaas voor wie al eens in een Bugatti over de Brusselse wegen durft te scheuren, moeten we het één en ander nuanceren.

Er is te veel fijn stof in Brussel. Daar is alvast iedereen het over eens. Dat een groot deel van dat fijn stof afkomstig is van vervuilende auto’s, is nog zo’n open deur. De bewoners van ons gewest tuffen rond in een wagenpark dat niet alleen te oud is (gemiddeld 9,5 jaar en in stijgende lijn), maar ook voor 60 % uit dieselwagens bestaat. En laat net die oude diesels - die sowieso niet thuishoren in een stedelijke omgeving - de grootste boosdoeners zijn in het hele fijnstof-verhaal. Het Brusselse wagenpark verjongen en de Brusselaars laten overstappen van diesel naar milieuvriendelijker wagens, is dus de uitdaging.

Wortel en stok

Er zijn verschillende manieren om dat te doen. Eén ervan is de invoering van de Lage Emissiezone (LEZ), een maatregel die op de opiniepagina’s van BRUZZ goedkeurend werd onthaald. Steven Van Garsse zei het in zijn edito met deze wijze woorden: ‘Radicale maatregelen zijn meestal gedoemd om in de prullenmand te eindigen. Het gaat erom het gedrag te veranderen. En dan werken de wortel en de stok het best.’

Een andere manier om die gewenste gedragsverandering tot stand te brengen, is de belastingen op het gebruik van de auto sturender maken, en bestuurders dus via wortel en stok tot een meer verantwoord autogebruik overhalen. Dat was trouwens één van de zaken waar een groep artsen in november in een open brief over fijn stof op aandrong. Eén fiscaal instrument dat daar bij uitstek niet voor geschikt is, is de BIV, die je één keer betaalt bij de aankoop van een auto. Dat vehikel is in 1992 ingevoerd om de BTW-verlaging en de afschaffing van de weeldetaks te compenseren. De BIV werkt contraproductief: hou ouder (en dus vervuilender) een auto is, hoe lager de taks. De heffing prikkelt ook hoegenaamd niet tot de aankoop van een nieuwe auto.

“Het zou beter zijn om niet langer de aankoop van een auto te belasten, maar het gebruik ervan.”

Van zo’n puur begrotingscompenserende belasting een instrument maken dat niet alleen het wagenpark groener maakt, maar ook nog eens het mobiliteitsvraagstuk oplost én in één beweging ook nog eens herverdelend werkt, is onbegonnen werk. Het zou beter zijn om niet langer de aankoop van een auto te belasten (daar dient de BTW trouwens voor), maar het gebruik ervan. Dat kan dan weer veel beter via de jaarlijkse verkeersbelasting (VKB), waar we veel meer parameters in rekening kunnen brengen en dus echt sturend kunnen werken. De BIV kan dus eenvoudigweg geïntegreerd worden in die jaarlijkse VKB in plaats van drie verschillende belastingen te heffen op dezelfde auto. Het doel is om uiteindelijk het gebruik per kilometer te belasten in plaats van het pure bezit van een auto.

Task force

Maar tot we zover zijn kunnen we sleutelen aan de bestaande fiscaliteit. Om de VKB beter te kunnen tunen op maat van het Brussels Gewest, gaan we die belasting vanaf 2019 zelf innen, in plaats van de federale administratie. Niets houdt ons tegen om nu al de ordonnanties te maken die dat organiseren. Maar voor we daaraan beginnen, vragen we aan een zestal milieu- en mobiliteitsexperten om in een task force, samen met fiscale ambtenaren uit alle gewesten, een aantal suggesties te doen. Misschien komen zij met betere voorstellen om het wagenpark te vergroenen en de uitstoot van fijn stof te verminderen. Net zoals bij de Brusselse fiscale hervorming zal goed naar de experts geluisterd worden, en zullen hun voorstellen in de loop van het jaar uitgewerkt worden in een hervorming van de autofiscaliteit.

Dat de autosector wel zal varen bij een vergroening van het wagenpark, is niet meer dan logisch. Milieuvriendelijke auto’s komen niet uit de lucht gevallen. We kunnen maar hopen dat de fabriek in Vorst mee profiteert. En binnen vijf jaar komen die groenere auto’s ook op de tweedehandsmarkt terecht, die zo automatisch duurzamer wordt.

Dat vooral de rijken zouden profiteren, is kort door de bocht: de aanschaf van een wagen minder belasten (in tegenstelling tot het gebruik), zou evengoed gezien kunnen worden als een sociale flankerende maatregel bij de invoering van de LEZ. Die treft immers vooral mensen voor wie de aanschaf van een nieuwe wagen niet evident is.

Conclusie: wie denkt dat ministers hun beleid baseren op een handvol fils-à-papas in een Lamborghini, heeft het bij het verkeerde eind. En wie zegt dat de BIV afgeschaft wordt, spreekt voor zijn beurt.